Emotionele prullenbak

Welkom lieve stiefouder, in de rol die je nooit hebt gekozen.

Er is weinig zo onderschat als het leven van een stiefouder. Terwijl de buitenwereld je vaak ziet als “de bonus”, krijg jij in de praktijk regelmatig de rol van emotionele opvangbak.
Je moet problemen oplossen die niet van jou zijn, die jij niet hebt veroorzaakt, en waar jij niet eens bij was toen ze ontstonden.

Toch krijg je ze op je bord. Met vork. Zonder servet.

Maar hé — je wist waar je aan begon, toch? Nee dus. Niemand weet waar hij aan begint in een samengesteld gezin.
Zelfs de mensen die beweren van wel. Je hebt geen idee.

Het echte probleem is dat jij niet de oorzaak bent, maar wel de plek waar alles landt.

Kinderen komen met een rugzak — die jij niet mag openen, maar wel moet dragen. Want de kinderen uit een eerdere relatie nemen hun geschiedenis mee.
Hun pijn. Hun angsten. Hun gemis. Hun boosheid. Een rugzak vol. Niet van jou.

Maar zodra jij in beeld komt, wordt die rugzak ineens op jouw stoep gezet. Met het verzoek: “Doe er iets aan.”

Ze zijn bang om hun andere ouder kwijt te raken. Ze hangen tussen loyaliteiten in. Ze weten niet hoe ze jouw aanwezigheid moeten duiden.

Dat is niet jouw schuld. Wel jouw probleem. Tenminste — als je het laat gebeuren.

Je hebt namelijk te maken met de (onzichtbare) derde partij, die wél invloed heeft.

Je hoeft de ex niet te zien om last van hem of haar te hebben. De overtuigingen, oordelen en onuitgesproken pijn van de ex zitten vaak ín de kinderen.

Jouw positie wordt vaak bepaald door de onzekerheid, de jaloezie, het wantrouwen, of de narratieven (“de nieuwe vrouw/man is… vul zelf maar in”).

Ook dit is niet jouw schuld. Maar jawel — jij voelt het wel.

Je partner denkt vaak, en helaas, dat liefde alles oplost (spoiler: nee).

Veel partners zitten vast tussen hun nieuwe liefde (jij) en hun kinderen, en vinden het lastig grenzen te stellen.

Daardoor ontstaat het klassieke drieluik, waarin de kinderen een probleem hebben, je partner het ingewikkeld vindt, en jij het aan het fixen bent.

En zo word jij langzaam projectleider van de emotionele afdeling van het samengesteld gezin.

De reden waarom jíj het gaat oplossen (en waarom je dat eigenlijk niet moet doen) is vaak omdat jij empatisch bent, je verantwoordelijk voelt, harmonie fijn vindt, het goed wilt doen, en niet wil dat iemand pijn heeft “door jou”.

En dat laatste is precies de valkuil.

Want het ís niet door jou. En als je dat niet beseft, beland je in wat de KernAanpak “verantwoordelijkheidsverwarring” noemt.

Je bent verantwoordelijk voor je eigen gedrag, je eigen grenzen, je eigen plek in het gezin.

Maar je bent niet verantwoordelijk voor het trauma van de kinderen, de conflicten tussen de exen, de gaten in de opvoeding, de loyaliteitsproblemen, oude pijn uit de vorige relatie, of de emotionele chaotische bende die vóór jou al is ontstaan.

Jij gaat hieraan onderdoor, want je raakt uit je eigen positie. Je wordt niet gezien als partner, maar als vervangouder.
En VERRASSING!! Kinderen hoeven geen extra ouder. Ze hebben er namelijk al twee.

Als jij structureel problemen oplost die niet van jou zijn, raak je leeg. Mentaal, emotioneel, soms zelfs lichamelijk.

Je partner gaat op jou leunen. Hoe meer jij doet, hoe minder hij of zij hoeft te doen. Dat is geen karakterfout — dat is menselijk gedrag.

Het gezin raakt uit balans, want jij zit op een plek die niet de jouwe is.

Hoe los je dit op? Doe vooral niet méér.

Je moet terug naar jouw plek. Want jij bent de partner van jouw partner, een volwassene tussen volwassenen, en een veilige, stabiele, duidelijke volwassene voor de kinderen — maar geen ouder.

Jij bent NIET de derde ouder. Jij bent een aanvullende volwassene, een rolmodel, een aanwezigheid, géén reparatiemechanisme.

Geef terug wat niet van jou is en stel jezelf steeds vragen. Is dit van mij? Of is dit van het kind? Van de ex? Van mijn partner?

Als het niet van jou is mag je het teruggeven.

Niet boos, niet dramatisch, maar feitelijk. Dus naar de kinderen “Dit is iets tussen jou en je moeder.” Of “Dit is iets waar jij met je vader over moet praten.” En naar je partner “Dit is iets dat jij als ouder moet oplossen, niet ik.”

Je mag grenzen stellen zonder schuldgevoel, want grenzen maken je niet hard. Ze maken je houdbaar.

Ik geef wat voorbeelden: “Ik ga niet in discussie over jullie co-ouderschapsregeling.” Of “Ik lever geen emotionele opvang voor problemen waar ik geen onderdeel van ben.” En naar de kinderen: “Ik ben er graag voor jullie, maar niet als vervangouder.”

Je partner moet zijn eigen verantwoordelijkheid nemen. Dit is cruciaal.

Je partner moet de ouder zijn, de bemiddelaar zijn, de structuur bewaken. Maar hij of zij moet ook de gesprekken voeren met zijn ex en grenzen stellen richting de kinderen.

Wanneer jij dat doet, wordt iedereen ongelukkig. Inclusief jij.

Dus stop met ‘de lieve vrede’, want de lieve vrede helpt niemand.
Niet de kinderen. Niet jou. En zeker je partner niet.

Je mag het dus ongemakkelijk maken. Dat is niet agressief — dat is volwassen.

Omdat zodra jij stopt met alles oplossen, iedereen ineens gaat voelen wat er echt speelt. En dat kunnen dingen zijn waar we liever niet naar kijken. Omdat dat moeilijk is, en omdat we niet goed weten hoe we ermee om moeten gaan.

Want wat we gaan zien is dat de kinderen een gemis voelen. Dat je partner zijn verantwoordelijkheid voelt. Dat de ex zijn of haar pijn voelt en doorleeft. En dat jij je eigen grenzen voelt.

Jij was nooit het probleem. Jij was de pleister.

En pleisters worden altijd vies. Dat maakt ze nog geen wond.

Want jij bent niet de emotionele prullenbak. Punt.

Je mag stoppen met dragen. Je mag stoppen met oplossen. Je mag stoppen met verantwoordelijk zijn voor wat nooit van jou was.

De kunst is niet om meer te geven. De kunst is om terug te stappen in jouw eigen plek.
Want vanaf die plek kun je iets opbouwen — met rust, met respect en met realistische verwachtingen.

En als er iets is dat een samengesteld gezin nodig heeft, is het precies dát.

Ben jij ook op zoek naar je eigen plek in deze situatie? Neem dan contact met me op.

Vorige
Vorige

Waarom vaders zich moeten bewijzen

Volgende
Volgende

De Schuldouder